worden

Nederlands (nl)

  Uitspraak

Hulp:IPA: ['ʋɔrdə(n)]
(lêer)
Stamtye
worden werd geworden  
Tydvorme
Persoon Teenwoordige Tyd Verlede Tyd
ik word werd
jij, u wordt
hij, zij, het wordt
wij, jullie, zij worden werden
Gebiedende Wys Voltooide deelwoord Onvoltooide deelwoord
word geworden wordend
 

  Werkwoord

     Betekenisse

  1. (koppelwerkwoord): Word
  2. (hulpwerkwoord): Word

     Eienskappe

Koppelwerkwoord. Die hulpwerkwoord van die voltooide tye is zijn.
Hulpwerkwoord van die onvoltooide tye van die lydende vorm.
Onreëlmatige werkwoord.

     Voorbeeldsinne

1.: «Het wordt blauw. Het is blauw geworden»
Dit word blou. Dit het blou geword.
2.: «Dit wordt dikwijls gezegd.»
Dit word dikwels gesê.